Het werk van de boer verandert. Meer robots en kennis over genen, minder handwerk en groene vingers. De grote stallen passen dan wel niet in het oude beeld van een boerderij, ze zijn wel een verbetering.

Net als melkveehouder Nadine Bongen (25) over de koeien begint te vertellen, rinkelt haar telefoon. Het is de melkrobot uit de stal ernaast. Een metalige stem laat weten dat het apparaat zich geen raad weet met een koe.

De toegesnelde Bongen ‘ontwart’ twee spenen en de robot gaat zijn geautomatiseerde gang.
De landbouw verandert in een razend tempo. Technologie en data-analyse rukken op, boerderijen worden grootschaliger en werken steeds professioneler. Boeren veranderen steeds meer in managers, data-analisten en ondernemers. Het einde van deze ontwikkeling is nog niet in zicht.

Nieuwe technologieën

Bongen runt met haar ouders een boerderij in het Gelderse Aalten. Ook hier laat technologie zich steeds nadrukkelijker gelden. Werkdagen beginnen niet in de stal maar achter de computer. Op een overzichtsscherm ziet de boerin welke koeien aandacht nodig hebben omdat ze vruchtbaar zijn of ziek dreigen te worden. Sensoren verzamelen achterliggende informatie; hoeveel stappen de koeien zetten, hoeveel ze herkauwen, hoeveel melk ze geven. ‘Echt een fijn hulpmiddel,’ zegt Bongen. ‘Zonder zou je op veel punten achteruitgaan. Bovendien ben je ’s nachts niet in de stal.’

Er komt nog veel meer nieuwe technologie. Bedrijven en universiteiten werken aan robots en drones die nog meer taken van de boer overnemen. En ze werken vaak zuiniger en milieuvriendelijker dan de boer zelf, door bijvoorbeeld alleen gif op de plant te spuiten en de grond minder zwaar te belasten. ‘Ook het vak is enorm geprofessionaliseerd,’ zegt Krijn Poppe (62), landbouweconoom bij Wageningen Economic Research. ‘Vroeger ging het om gevoel voor planten en dieren. Nu gebruiken boeren veel meer gespecialiseerde kennis.’

Altijd maar groter

De opmars van hightech gaat vaak samen met schaalvergroting. Sinds 2000 is de veestapel min of meer stabiel, maar neemt het aantal boerderijen jaarlijks met 2 à 3 procent af. Overblijvers kopen grond en dierrechten van boeren die stoppen, en groeien door. Een proces dat al langer loopt en onverminderd doorgaat. De landbouw is vergrijsd; de helft van de boeren boven 55 jaar heeft geen opvolger, slechts 4 procent is jonger dan 35 jaar.